De winden van de oude Grieken
Zephyrus
Zephyrus stond ooit bekend als de god van het Westen en brengt lichte lente- en zomerwinden. Deze winden vormen geen gevaar voor zeelieden, en elke zachte windvlaag kan tegenwoordig worden aangeduid als ‘een zephyr’. De god van het Westen, Zephyrus, zou de godin Chloris de heerschappij over de bloemen hebben gegeven. Daarom wordt gezegd dat Zephyrus-winden de vegetatie bevorderen.
Eurus
Eurus is de naam voor de oostenwind uit de Griekse mythologie. Deze wind was niet noodzakelijkerwijs aan een bepaald seizoen gebonden, maar werd wel in verband gebracht met onheil of ongunstige gebeurtenissen. In Griekenland waait de oostenwind meestal niet op zichzelf, maar gaat gepaard met een noorden- of zuidenwind.
Notos
Notos (Notus) is de naam voor de zuidenwinden, en deze zijn gevaarlijk in Griekenland. Dit komt doordat de meeste havens in Griekenland niet gunstig zijn gelegen voor dit soort winden. Notos-winden waaien voornamelijk in de winter. Een van deze Notos-winden wordt de Sirocco genoemd en waait tussen april en oktober. Deze wind voert stof uit Noord-Afrika mee en vermindert het zicht in de zuidelijke gebieden van Griekenland. De vochtige lucht uit het zuiden creëert omstandigheden die onweersbuien in de hand werken.
Boreas
Boreas, de noordenwind, komt in Griekenland het minst voor. De boreas waait alleen in de winter en brengt koude lucht vanuit Siberië mee.